Exhibition | Live events

 

No you won’t be naming no buildings after me

To go down dilapidated

No you won’t be naming no buildings after me

My name will be misstated, surely

– Erykah Badu

De titel van de tentoonstelling is ontleend aan het nummer ‘A.D. 2000’ van zangeres Erykah Badu, dat zij schreef ter herinnering aan de 23-jarige Amadou Diallo, die door politiegeweld om het leven kwam.

 

De kunstenaars in deze tentoonstelling onderzoeken hoe herinneringen voortleven en worden belichaamd. Monumenten, straatnamen en nationale feestdagen zijn de officiële vormen om een persoon of gebeurtenis te herdenken. De publieke ruimte fungeert daarmee als een fysiek openbaar archief. Maar herinnering en waardering manifesteren zich ook op andere manieren – zeker als het gaat om personen en geschiedenissen die niet vanzelfsprekend in het publieke domein worden gerepresenteerd. No You Won’t Be Naming No Buildings After Me bevraagt onze fysieke vormen van herinnering, en vestigt de aandacht op andere manieren om herinneringen door te geven of gebeurtenissen aan de vergetelheid of ontkenning te onttrekken. Het lichaam staat daarbij centraal, als drager van herinneringen en als strijdbaar baken van voortlevende geschiedenissen.

Ook traceren de kunstenaars hoe beweging, dans, muziek, taal, textiel, visuele documenten en materiële sporen intieme getuigen kunnen zijn van geschiedenissen van zowel kwetsbaarheid als weerbaarheid. Het lichaam krijgt hierbij een centrale rol — als drager van herinneringen en als strijdbaar baken van voortlevende geschiedenissen.

Deel van de tentoonstelling is een reeks live events, waaronder performances door Alexis Blake, Quinsy Gario & Glenda Martinus, Bert Scholten en artist talks met Uriel Orlow en Pieter Paul Pothoven.
Exacte data worden later bekend gemaakt.

Parallel aan deze tentoonstelling verschijnt een reeks interviews op Vers Beton, waarin Rotterdammers je meenemen naar plekken in de stad die verbonden zijn met persoonlijke herinneringen en gebeurtenissen die niet mogen worden vergeten.

 

Kunstenaars in de tentoonstelling
Speciaal voor deze tentoonstelling bouwt Alexis Blake voort op haar afstudeerproject in TENT, waarmee zij haar carrière op het grensvlak van beeldende kunst en choreografie begon (2007). Opnieuw werkt zij met breakdance, om in te haken op de geschiedenis van empowerment die met hiphopcultuur verbonden is, en te testen hoe ‘breaking’ een geste kan zijn om je vrijheid te claimen. Zij ontwierp een dansvloer en wandelementen van glas en nodigt percussionisten, een zangeres en een groep B-girls uit voor twee performances rondom kwetsbaarheid en kracht.

Eigentijds troubadour Bert Scholten bezingt in een nieuw geluidskunstwerk vergeten Nederlandse tradities. Het consumeren van een lichaam gemaakt van brood blijkt daarin een centrale, steeds veranderende rol te spelen.

Het werk van Kader Attia draait rondom het repareren van de geschiedenis door wonden die praktijken en patronen van geweld hebben nagelaten zichtbaar te maken en te verzorgen. Zijn film ‘Reflecting Memory’ legt een verband tussen fantoompijn en maatschappelijk trauma.

Aimée Zito Lema werkt met archiefbeelden en het lichaam als drager van herinneringen. Samen met de Theatre of the Oppressed Group (PT) onderzocht zij via theatertechnieken hoe herinneringen van generatie op generatie worden overgedragen, en hoe we drager kunnen worden van de herinneringen van anderen. Haar theatrale installatie neemt de bezoeker in deze zoektocht mee.

Kristina Benjocki observeert hoe naarmate de afstand tot de geschiedenis groeit meerdere, soms tegenstrijdige herinneringen en standpunten ontstaan. In een nieuw textielwerk zet zij de handelingen voort van drie generaties vrouwen uit haar eigen familie, die ieder ingrijpende geschiedenissen wisten te overleven.

De veranderlijke perceptie van de geschiedenis vormt ook het onderwerp van een film van Yoeri Guépin. De ruïne van het laatste keizerlijke paleis in China blijkt met terugwerkende kracht onderwerp van officiële en onofficiële interpretaties en toe-eigening door diverse ideologische groepen.

Gert Jan Kocken doet minutieus onderzoek naar visuele bronnen van beladen geschiedenissen. Speciaal voor deze expositie maakte hij een nieuwe versie van zijn kaart van Rotterdam, waarvoor hij vele kaarten die in de Tweede Wereldoorlog door betrokken partijen zijn gemaakt monteert tot een complex beeld van de stad in oorlogstijd.

Aslan Gaisumov traceert de turbulente en complexe geschiedenis van Tsjetsjenië, waarbij hij gevonden objecten vaak voor zich laat spreken. Straatnaamborden uit de Sovjettijd getuigen van verschillende episodes in een strijd die nog steeds voortduurt.

Namen spelen ook een rol in Uriel Orlow’s ‘What Plants Were Called before They Were Given a Name’. Deze geluidsinstallatie is deel van een reeks werken waarin hij reflecteert op de impact van Europese wetenschappelijke en koloniale expedities, en planten opvoert als getuigen van de geschiedenis.

Krachtige taal speelt een hoofdrol in de schilderingen van Marcel van den Berg. Hij haalt zijn inspiratie uit hiphop, funk, techno, jazz en reggae, muziekgenres waarin een stem wordt gegeven aan ongelijkheid, onrecht en racisme maar ook aan protest en trots.

Pieter Paul Pothoven toont een deel van zijn langlopend onderzoek naar de motieven achter het activisme van RARA (Revolutionaire Anti-Racistische Actie) in de jaren ’80 en ‘90. In zijn sculpturale installatie vormt een historische façade de sleutel tot een alternatief perspectief en gaat hij in op de aanslag van RARA op het Van Heutsz monument.

Fotografe Dana Lixenberg toont een selectie van haar beroemde project ‘Imperial Courts’. Twintig jaar lang creëerde zij portretten van en met bewoners van Watts, Los Angeles, om vast te leggen hoe zij – tegen alle stigmatiserende media-aandacht, segregatiepolitiek en gebrek aan alles in – vorm proberen te geven aan hun leven.

Vertrekpunt voor de performance-video van Taus Makhacheva zijn gesprekken met vissers over het overleven op de Kaspische Zee en hun angst op zee te verdwijnen. Tegelijkertijd reflecteert haar werk op de interesse van de kunstwereld voor marginale verhalen, die vaak tot eenvoudige anekdotes worden geminimaliseerd.

Benieuw naar de werken in de tentoonstelling? Download hier het tentoonstellingsboekje.

Performances
Naast performances als onderdeel van de installaties van Alexis Blake en Bert Scholten, presenteren Quinsy Gario & Glenda Martinus werk in performancevorm. 30 mei 1969 ging de boeken in als dronken opstand tegen het Nederlandse koloniale regime op Curaçao. In een nieuwe performance vertelt Quinsy Gario samen met zijn moeder Glenda Martinus wat volgens hen de daadwerkelijke beweegredenen van het collectieve protest tegen Nederland en Shell waren. Ze laten zien dat het verzet van Trinta di Mei zeker niet op zichzelf stond.

 

Interviewreeks in Vers Beton
Online tijdschrift Vers Beton publiceert interviews waarin verschillende Rotterdammers lezers meenemen naar plekken in Rotterdam die verbonden zijn met de herinnering aan personen en geschiedenissen.

 

Curator Vincent van Velsen
Gastcurator Vincent van Velsen is schrijver en curator. Hij is bijdragend redacteur bij Metropolis M (2018-), was resident aan de Van Eyck (2015-16) en sloot recent zijn gastresidentschap aan de Rijksakademie (2018-2019) af. Hij realiseerde onder meer de tentoonstellingen ‘Even if it’s Jazz or the Quiet Storm’ (2018-2019) in samenwerking met Dan Walwin bij Nest, Den Haag; ‘Sammy Baloji: A Blueprint for Toads and Snakes’ (2018) bij Framer Framed; en ‘exclude/include. Alternate Histories’ (2016) bij Castrum Peregrini, beiden Amsterdam. Samen met Alix de Massiac won hij de tweede curatorenprijs van de VBCN (Vereniging Bedrijfscollecties Nederland, 2015). Vincent van Velsen maakt momenteel deel uit van Bonaventure Soh Bejeng Ndikungs curatorenteam voor sonsbeek2020, het Stadscuratorium van Amsterdam, is voorzittend commissielid bij het Mondriaan Fonds en bestuurslid van De Appel.